de bron - informatie - jeugdbeleid

jeugdbeleid

uitgangspunten
Begin 2000 kwam in de kerkenraad een bezinning op gang over het functioneren van de kerkenraad met betrekking tot de jongeren binnen de kerk. De commissie die vervolgens werd ingesteld om uitgangspunten voor beleid te formuleren kwam met een rapport ‘Jongleren’. Het voorstel om te gaan werken vanuit een visie werd unaniem aangenomen.
jeugdbeleid

visie
Een visie is een beeld of verwachting die je van de toekomst hebt. Kernachtig uitgedrukt: wat je wilt bereiken. De visie voor het jeugdbeleid is gebaseerd op Efeze 3:14-17a:
ieder hart een woonplaats van Christus

missie
De missie is een eerste uitwerking van de visie in hoofdlijnen. Alle jongeren in de kerk aanzetten tot het geloof in Christus en Zijn levensreddende werk (Ef. 3:14-17a). Dit richt zich op drie hoofdactiviteiten:
1. Het aanreiken en overdragen van alle kennis die nodig is om Gods Woord voor “waar” aan te nemen (Zondag 7 HC).
2. Het motiveren en voorleven van deze kennis, zodat een vast vertrouwen en een grote liefde tot God kan ontstaan (Zondag 7 HC).
3. Absolute voorwaarde voor het volbrengen van deze missie is de bijstand en de werking van de Heilige Geest (Ef. 3:16; Joh. 3:5). Het bidden om de werking van de Heilige Geest moet een nadrukkelijke plaats krijgen in dit beleid. Invloed uitoefenen op de leefwereld van de jongeren (thuissituatie en recreatie), zodat de resultaten van voornoemde hoofdactiviteiten niet worden bedreigd, maar tot volle ontplooiing kunnen komen.

strategie
De kerkenraad is eindverantwoordelijke voor de ”kwaliteit” van de behaalde resultaten. Vanuit haar primaire taak ”Geestelijk leidinggeven” werkt de kerkenraad aan de ontwikkeling van een samenhangend geheel van kerkelijke activiteiten die dienstbaar zijn aan de visie en de missie. De implementatie en uitvoering is gedelegeerd aan de commissie Jeugdbeleid.

beleid en uitvoering

organisatie
Het jeugdwerk valt in de kerkenraad met name onder de jeugdouderling, die verantwoordelijk is voor de uitvoering en de kwaliteit van het jeugdbeleid. De hoofdlijnen en processen worden door de commissie Jeugdbeleid (incl. jeugdouderling) geregeld. Onder de commissie Jeugdbeleid vallen verschillende werkgroepen, zoals “mentoraat en pastoraat”, “samendiensten”, “recreatie” en “jeugdkampen”. In deze werkgroepen worden allerlei zaken concreet uitwerkt of georganiseerd.

jeugdgroepen
De uiteindelijke doelgroep is natuurlijk de jeugd. Voor het kerkelijke onderwijs is er een aantal keuzes gemaakt:
1. Er wordt gewerkt met kleine groepen, die wekelijks samenkomen (vaak in huiselijke kring).
2. Catechese en Bijbelstudie worden samengevoegd.
3. Er wordt gewerkt met mentoren (in koppels).
4. Er wordt gewerkt vanuit een leerplan.

Tevens is er voor gekozen om ook de leerlingen uit groep 8 van de basisschool al in te delen in kleine groepen. Deze groepen komen met een lagere frequentie (tweewekelijks) samen. Dit om te grote veranderingen te voorkomen in het volgende jaar (als ze naar het middelbaar onderwijs gaan).

Door de oudere jeugd (18 t/m 20 jaar) wordt ook in kleine groepen gewerkt, maar met meer zelfstandigheid. De jongeren in de leeftijd van 21 t/m 24 jaar werken in principe zelfstandig. Ook voor hun is er materiaal beschikbaar.

leerplan
Er wordt gewerkt vanuit een leerplan Geloof.nu, waarin alle leerstof in blokken wordt behandeld. De onderwerpen zijn zowel gericht op geloofsonderricht (hoofd), geloofsvorming (hart) als geloofsopvoeding (handen). Alle stof die voorheen werd behandeld tijdens de catechese, wordt over een aantal jaren (leeftijd van 11 t/m 20 jaar) behandeld en verdiept. Bij elke les is ook een mentorhandleiding gemaakt met werkvormen, Bijbelstudies en tips.

mentoren
Mentoren worden opgeleid en benoemd op basis van gaven en affiniteit met de jeugd. Als de mentor na de opleiding start met het leiden van een jeugdgroep, blijft er periodiek door middel van toerusting aandacht voor opleiding in kennis en vaardigheden. Voor de mentoren is er naast de mentorhandleiding bij het leerplan ook een digitaal leerplan. Dit is een website waar per blok nog meer informatie aanwezig is, om de les indien nodig aan te passen aan de jeugdgroep.
Het toezicht op het functioneren van de mentoren ligt bij de jeugdouderling. Aan het einde van het seizoen vindt er met de jeugdouderling een functioneringsgesprek plaats, waarin het seizoen wordt geëvalueerd en vooruit gekeken naar (de wensen voor) het nieuwe seizoen.